Historie en emotie: 50 jaar Memorial Van Damme!

Neos sprak met bezieler Wilfried Meert en meetingdirecteur Kim Gevaert
Banner Artikel Memorial Kim Wilfried

 

Een gevestigde waarde in de atletiekwereld, records die sneuvelen, topprestaties van het allerhoogste niveau, en een kolkend Koning Boudewijnstadion dat de internationale atleten mee vooruit juicht. Dé Memorial is memorabel om vele redenen. Neos sprak met de bevlogen boegbeelden Wilfried Meert en Kim Gevaert over hun unieke vriendschap, de magie van de Memorial én de toekomst. “Iedereen loopt, werpt of springt in z’n leven, kortom: atletiek is er voor iedereen en als ‘moeder der sporten’ verdient die meer in de spotlights te staan.”

Tekst: Freya Verwaeren – Foto’s: Tom Abeloos

De getalenteerde en ambitieuze Ivo Van Damme durfde in interviews wel eens zeuren dat hij telkens naar het buitenland moest om tegen topatleten te lopen. “Waarom was er geen atletiekmeeting in België?”, herinnert Wilfried Meert zich alsof het gisteren was. “Met een groepje journalisten beloofden we hem overmoedig aan de - niet zo nuchtere - vooravond van de Olympische Spelen van 1976 dat indien hij goed presteerde, we zo’n event op poten zouden zetten met hem als centrale ster. Tot ieders verbazing verovert Ivo Van Damme in Montréal maar liefst twee zilveren medailles, op de 800 en 1.500 meter. Belofte maakt schuld. We stelden een comité samen en prikten een datum voor de volgende zomer: 16 augustus 1977. In het najaar kwamen we er niet uit welke naam die eerste Belgische atletiekmeeting moest dragen. We tilden onze beslissing over nieuwjaar heen, en zouden dan terug samen komen om de knoop door te hakken. De volgende keer dat we elkaar zagen, was op de begrafenis van Ivo… (stilte). Zijn tragische auto-ongeval op amper 22-jarige leeft ijd veroorzaakte een schokgolf door het hele land. Naar de naam van de atletiekmeeting was het niet meer zoeken. We scharrelden overal budget bij elkaar, velen waren geraakt door het verhaal. En toch overtrof die eerste editie onze stoutste dromen: een ware overrompeling met 50.000 toeschouwers die het Heizelstadion maar bleven binnen stromen. We hebben moeten improviseren met stempels, want we hadden maar 15.000 tickets gedrukt. De rest is geschiedenis.”

Je voelt je onderdeel van al wat gebeurt. Die emoties blijven je bij

Kim Gevaert

Geen oog droog

Van een eenmalig eerbetoon naar een gevestigde waarde in de atletiekwereld tot dit gouden jubileum. Hoe is jullie dat gelukt?

Wilfried: “Die eerste editie is nooit georganiseerd met een vervolg in gedachten. Maar ambities en dromen zijn niet tegen te houden. Zo wou ik degenen die Ivo Van Damme geklopt hadden op de Olympische Spelen naar België halen. Na heel wat telefoontjes kreeg ik John Walker, de Nieuw-Zeelander die goud haalde op de 1.500m, te pakken. Als persoonlijk eerbetoon aan Ivo wou hij het wereldrecord hier breken. Net die dag stond er veel wind, hij won de wedstrijd maar miste het record op een halve seconde. Voor de podiumceremonie had ik behoedzaam gevraagd aan papa Van Damme of hij de medaille aan John Walker wou overhandigen. Die laatste doet hem uit, legt hem op zijn beurt om de hals van vader Van Damme, en omhelst hem met de woorden: ‘This is for your son’. Er bleef werkelijk geen oog droog in het stadion toen. Nog altijd kippenvel als ik eraan terugdenk. Die emotie is bij mensen nog lang blijven nazinderen, de roep om een volgende editie was groot. Ook de andere gouden Olympische medaille, Cubaan Alberto Juantoreno, konden we de editie erop overtuigen, en hij stelde hetzelfde gebaar als Walker. Dat blijft op je netvlies gebrand, ook toen was het bakje vol. Net op het moment dat het wat afkalft – boém, vijfde editie: Brit Sebastian Coe breekt het wereldrecord op de mijl op onze Memorial. De tribune ontplofte, euforie alom. En zo is het nooit meer gestopt.” 

Artikel Memorial Wilfried Kim

Wat maakt de Memorial zo uniek?

Kim: “Dat is een combinatie van vele elementen. De organisatie – en dat zeg ik niet omdat ik er nu zelf deel van uitmaak (lacht) - is van hoog niveau, dus als atleet een cadeau om hier te mogen aantreden. Er heerst ook steevast een heel gemoedelijke sfeer, mensen beleven een gezellige avond met de hele familie. Bij atletiek supporter je, in tegenstelling tot bijvoorbeeld voetbal, voor iedereen. Hooliganisme is de sport vreemd. Je wil niet per se dat iemand het slecht doet, je moedigt vooral mooie prestaties aan. Iedereen juicht als één team als een record sneuvelt. Vooral het live beleven in een stadion is toch iets helemaal anders dan voor je tv. Je voélt veel meer de inspanning en kracht die het vraagt van een atleet om zo ver te gooien of hoog te springen. Je ziet de sprinters voorbij zoeven, je voelt je onderdeel van al wat gebeurt. Het zijn die emoties die mensen bijblijven. Ik stond hier 11 keer op de piste en het meest indrukwekkende vond ik zelf altijd de sacrale stilte voor de start, die spanningsopbouw – 35.000 mensen muisstil tot het startschot weerklinkt. Dat ganse stadion dat losbarst, en jij als atleet die daardoor vooruit gestuwd wordt. Ik herinner me nog levendig 2014, toen ik doodmoe terugkwam van de Olympische Spelen en toch m’n beste tijd ooit liep op de 200m én won. Het publiek heeft me toen echt over mijn vermoeidheid heen gedragen. Ook 2008 was emotioneel: de laatste keer lopen voor het Belgische publiek, Koen Wauters die voor me zong en superster Usain Bolt erbij. Ik heb daarna nooit meer mijn spikes aan gehad.”

De rode draad is duidelijk: emoties alom. Wilfried: “Mensen willen ook graag Belgische toppers in actie zien – ‘Want dat is er ene van ons’. We kunnen om de zoveel jaar gelukkig rekenen op een Belgisch hoogtepunt. Denk maar aan Fons Brydenbach, Cédric Van Branteghem die het record breekt van Fons, de broers Borlée, meerkamper Nafi Thiam of hoogspringer Tia Hellebaut en uiteraard onze Kim (knipoogt). Want hoeveel internationale atletiekiconen je ook uitnodigt en betaalt, een succesvolle landgenoot doet onmiskenbaar het stadion vol lopen.

  • Wilfried Meert (1945)
    • Gewezen sportjournalist, o.a. bij Het Laatste Nieuws
    • Bezieler van de Memorial Van Damme

  • Kim Gevaert (1978)
    • Belgische sprintkoningin
    • Meerdere keren Europees kampioen op 100 en 200meter
    • Gouden medaille met de 4x100meter op de Olympische Spelen
    • Meetingdirecteur Memorial Van Damme
    • Ambassadrice voor o.a. SOS Kinderendorpen
    • Geeft les als logopediste aan anderstaligen
    • Moeder van 4 kinderen

Compagnons de route

Hoe loopt jullie samenwerking op én naast de piste? Wat bewonderen jullie in elkaar?

Kim: “Wilfried begeleidt me al van bij het prille begin van m’n carrière, vanaf m’n 18e. Zijn gouden netwerk en bemiddelende smeekbedes – toen nog als journalist – ‘om dat opkomend talent een kans te geven’ heeft vele deuren voor mij geopend op belangrijke atletiekmeetings. Zijn kalmte en ervaring hebben me leren omgaan met de gigantische druk bij cruciale finales. Je moet echt leren je eigen wedstrijd te lopen, zonder geïntimideerd te zijn door de supersterren in de baan naast je. Ik vergeet nooit mijn eerste wedstrijd in Kalamata, Griekenland. Ik kwam als 19-jarige alleen toe op de luchthaven en kende niemand. Pure stress. Dan doet een vertrouwd gezicht veel. Hij heeft zelf nooit in het circuit meegedraaid, en toch begrijpt hij de sport zeer goed. Ik heb mijn jongste dochter vorige week nog moeten uitleggen waarom ik zoveel belde met Wilfried: ‘Ik werk er niet alleen mee samen, dat is ook mijn oudere vriend’ (lacht).”

Wilfried: “Ik zag direct dat Kim het in zich had, dat ze zich gelukkig voelde in die wereld. Vergeet niet dat atletiek een zeer individuele sport is, jíj moet het waarmaken. Je kan je niet verstoppen achter een ploeg, de sport is op dat vlak onverbiddelijk. Met vaak wisselende omstandigheden, zonder al te veel luxe-omstandigheden: veel naar het buitenland, in een kamer gedropt met een Amerikaanse of Russische die je van haar noch pluimt kent,… In Moskou heb ik ooit, als journalist, met Kim van hotel gewisseld omdat zij zo ver van het stadion lag en onverwachts de finale mocht lopen. En nu bewonder ik vooral hoe ze alle balletjes in de lucht houdt. Ze geeft nog les, voedt vier kinderen op, moet met haar man rekening houden en engageert zich voor talloze andere initiatieven. Dat is omdat haar karakter als atleet haar mentaal sterk heeft gemaakt.”

Is de topsportwereld veel veranderd in de voorbije decennia?

Wilfried: “Het is veel mondialer en professioneler geworden. Nu onderhandel je met een manager, niet meer met de atleet zelf. Vroeger belde en faxte ik de hele wereld rond, liet me bijvoorbeeld overtuigen om een zekere Sebastian Coe in de 8e baan te laten lopen van de 800m, die we normaliter altijd vrij lieten met een ruiker voor Ivo. In 1981 brak hij hier het wereldrecord. Onvergetelijk. Tegelijk komt er zo veel bij kijken. Je hebt maar een maand om elke editie te verteren. Daarna start de hele mallemolen opnieuw: contracten met sponsors en partners, internationale toppers overtuigen om België in hun kalender in te passen. Dat wordt alsmaar uitdagender, want het landschap versnippert en meeste atleten doen maximum 10 wedstrijden buiten hun eigen land. We moeten daarbij tegen sterke internationale atletiekmeetings opboksen."

Regen en records hebben we niet in de hand, maar wel dat iedereen al zingend het stadion verlaat

Wilfried Meert

Kim: “Tegelijk is het niveau van de atletiek gestegen en is er een breder aanbod. We strikken meestal een paar grote namen, maar het blijft aankomen op die supersterren die iedereen kent. Liefst nog met een uitspreekbare naam die goed bekt: Bolt, Lewis, Bubka, Bol en nu polsstokspringer en sensatie Mondo... We ontvangen hier de hele wereld. 80 verschillende nationaliteiten die we in volle glorie aan het publiek te tonen, en zo weer de blik van anderen te verruimen. Het blijft ook een belangrijk moment voor vele Belgische atleten. Het mooie aan deze wereld is dat er weinig sterallures zijn. De meeste atletiektoppers hebben charisma en zijn heel gewoon in de omgang. Atletiek is een veilige omgeving waarin de echte sportwaarden nog bovendrijven. Er evolueert ook veel in de goede richting: meer vrouwen rond de tafel bij de Diamond League, meer gendergelijkheid op vlak van loon en aandacht. Als moeder van gekleurde kinderen én dochters vind ik het ook belangrijk dat ze (vrouwelijke) rolmodellen hebben om naar op te kijken, en niet alleen naar – sorry Wilfried – het stereotype van de witte man (lacht).”

WK Atletiek in België?

Dit wordt een jubileumeditie maar waar dromen jullie verder nog van?

Wilfried: “Atletiek verdient meer aandacht in de media. Belangrijke gebeurtenissen verschijnen vaak slechts een postzegel groot ergens achteraan in de krant, of zelfs niet. Het is nochtans de moeder der sporten, en heel divers: lopen, springen, werpen – wie deed het niet als kind? Iedereen kan er dus z’n gading in vinden. Ik wens de Belgische atletiekwereld een nieuwe lichting toptalenten toe. We hebben dringend nood aan een nieuwe Kim of Tia, waar niemand naast kan kijken. We mogen fier zijn op wat hier met de Memorial gepresteerd wordt, we zijn daar veel te bescheiden in. Dankzij ons staat het Koning Boudewijnstadion hier trouwens nog. Het was bijna een nieuw exemplaar geworden op parking C, zónder piste. Als we nu het EK van 2030 kunnen binnen halen, durft niemand daar nog aan te raken. De puzzel klopt alvast – het stadion bestaat 100 jaar, België 200 jaar – nu alleen nog de jury overtuigen. En Kim moet ons daarna meteen kandidaat stellen voor het WK in 2035. De Olympische Spelen gaan we nooit naar hier krijgen, maar dit kunnen we aan.

Kim: “We moeten inderdaad blijven vernieuwen om deze prachtige sport zichtbaar te houden. Voor de rest zijn m’n wensen heel eenvoudig: m’n kinderen gelukkig zien, gezond ouder worden en… een zacht zonnetje tijdens de Memorial.

Wilfried: “Voor onze slotceremonie kopieerden we het concept van de Olympische Spelen: een grootse muzikale show zodat mensen met een apotheose en een gevoel van verbinding naar huis keren. Regen en records hebben we niet in hand, maar wel dat iedereen al zingend het stadion uit gaat. We strikten Helmut Lotti met indrukwekkend koor en orkest, dat gaat vonken geven! We hebben in die 50 jaar trouwens nooit een uitgeregende editie gehad. Ik wil graag geloven dat Ivo daarin altijd onze beschermengel is geweest.”

Beleef met Neos de Memorial Van Damme 
50e editie - Neos-korting 
Wil jij er ook graag bij zijn? Dat kan! Neos reserveerde plaatsen op de centrale tribune 3. Inschrijven kan tot vrijdag 12 juni 2026 via je Neos-clubwebsite of bij je clubbestuur. Geniet van de Neos-korting en beleef een memorabele atletiekavond mét muzikale afsluiter op zaterdag 5 september in het Koning Boudewijnstadion!